Of: Hoe je in De Stad van Recht en Vrede je huis wordt uitgejaagd

Ha, Maria is weer thuis. En daar heb je Fortuna ook. Eén voor één komen de schepen met sportvissers binnenvaren, na een lange dag op zee. Opgewonden mannen met hengels en felgekleurde koelboxen schuifelen de loopplank af. Wennend aan de vaste grond met hun nieuwverworven zeebenen. Nog een patatje bij het Vispaleis en daarna per auto of bus terug naar die Heimat. Nach Mutti. Waar de diepvries gulzig wacht op de verse visjes uit de Nederlandse Noordzee. In het warme zonlicht van mijn werkkamer staar ik uit het raam. Verliefd op het water, de bootjes, de stille bedrijvigheid van de haven. Slechts enkele meters Niemandsland tussen mij en het kalmerende tafereel. Zal ik dit allemaal moeten opgeven?

Het allereerste hek

‘Niemandsland’ echoot het in mijn hoofd. Niemandsland? Raar woord. Ooit was heel de aarde letterlijk Niemandsland. Toen is er een man geweest, ja het zal een man zijn geweest, die het allereerste hek neerzette. ‘Dit stukje van de aardbol is van mij,’ vond hij. ‘En niemand mag hier komen zonder mijn toestemming’ Wie weet had hij het eerst geprobeerd met een streep over de grond. Of met een urinespoor, zoals de dieren dat doen. Maar dat hielp niet. Toen kwam dan toch dat hek. En daarmee het einde van de vrijheid. ‘Dit is mijn land, niemand mag hier komen zonder mijn toestemming,’ riep hij. En meteen daarna – dat kwam mooi uit! – sommeerde hij zijn vrouw binnen de omheining te blijven. Zo sneed het hek van twee kanten, iets wat de overige mannen natuurlijk deed kwijlen van ontzag en afgunst. Weldra werd heel de aarde volgebouwd met hekken en was landjeveroveren de nieuwe sport. Eerst nog gemoedelijk, er was immers land genoeg, daarna met knuppels, later met legers. ‘Ik wil jouw land met jouw uitzicht, jouw vruchtenbomen en jouw vrouw, hier heb je 20 geiten en míjn vrouw. Geen deal? Dan sla ik je voor je knar.’

Vrijheid heeft zo zijn grenzen

In de verte hoor ik de meeuwen krijsen rondom het Vispaleis. Azend op een hapje frituur zijn ze niet te beroerd elkaar een snavel in het vel te prikken. Mijn brein maalt verder: de aardbol is een lichaam, net als mijn lijf. Stel je voor dat de bewoners van mijn lichaam denken dat ze eigenaar zijn en hekjes gaan plaatsen. ‘Hier mag jij niet komen,’ zegt de ene bacterie. ‘Ja maar dáár kan ik een hapje voedsel halen,’ roept de ander. ‘Pech! Dat is nu van mij, ook al stapelt het voedsel zich op en heb jij niks.’ Voor ik het weet zal ik geplaagd worden door puisten, schurft, aandoeningen en ziektes. En dat geldt ook voor de aarde. De natuurlijke flow is weg. Het is toch bizar dat ik als bewoner van deze aardbol niet overal vrij mag rondlopen? Dat sommige gebieden verboden zijn? Dat ik een paspoort nodig heb en toestemming van een ‘mede-bacterie’? Vrijheid noemen we dat.

En aan de andere kant… stel dat zo meteen mijn deurbel gaat en een gezin met vier kinderen mijn huis binnenstapt. Hun enige bezit: twee boodschappentassen met kleren en zes paar glinsterende ogen. ‘Wat een fijn huis! Hier willen ze graag wonen. Aan één kamer hebben ze genoeg.’ Dan zal ik wanhopig stotteren dat dat onmogelijk is, dat het míjn huis is, en dat ik toch echt drie kamers nodig heb om te wonen en te werken. Niet begrijpend zullen ze me aankijken. Ik ben toch maar in mijn eentje? En het enige wat ik kan denken is: ‘Hoe krijg ik ze weg? Hoe krijg ik ze in vredesnaam mijn huis uit!?’

Vrijheid, maar wel ónze vrijheid

Brrr, een confronterende gedachte. Waar liggen mijn grenzen? Ik sta op, draai mijn voordeur op slot. Dan neem ik weer plaats op mijn favoriete plek aan het raam en bezie hoe onze voormalige bezetter op een bankje langs de haven tevreden een harinkje in zijn keelgat laat glijden. Hij wel. Maar mensen die écht honger hebben sturen we het liefst meteen het land weer uit, het hek door. Want hier heerst vrijheid, maar wel ónze vrijheid. Stevige hekken waarborgen onze voorraden, ons kapitaal, óns vrije land. En het mooie is: wij hoeven ons niet te verlagen tot geweld. Wij hebben geld, dus wij hebben de macht. Vrede noemen we dat.

Portieren slaan dicht, ik hoor de laatste begroetingen van onze Duitse vrienden die hier gemütlich een hapje zijn komen hengelen. Eén voor één rijden de witzwarte nummerplaten de haven uit en keert de rust terug. De zon glinstert in het water, een prachtige oranje gloed nu. Meeuwen zweven om de slapende boten. Het mooiste moment van de dag breekt aan en ik heb het allermooiste uitzicht. Inspirerend mooi. Slechts enkele meters Niemandsland tussen mij en mijn geliefde haven.

Net zo’n mooie plek, met net zo’n mooi uitzicht

Maar Niemandsland bestaat niet. Morgen verrijst hier pal voor mijn neus een woonflat van zeven verdiepingen, met mensen die op nèt zo’n mooie plek willen wonen als ik, met nèt zo’n mooi uitzicht. Mensen die daar maar liefst 4 keer zo veel voor kunnen betalen. Mensen die hun zin krijgen, dus. Terwijl ik hier al jaren woon. Mijn zicht op mijn geliefde haven raak ik kwijt. Mij rest uitzicht op een lelijke nieuwbouwflat. En kou, want ook zonneschijn en licht zullen mij worden ontnomen. Mijn huis zal weinig meer waard zijn. ‘Tsja, jouw huis is nu dus onverkoopbaar geworden,’ concludeert de project-ontwikkelaar schrander.‘ Verkoop het dus maar aan ons. Jouw stukje grond willen we ook wel hebben. De marktprijs? Niemand anders wil het nu nog hebben, dus je hebt mazzel dat we je er nog iéts voor geven.’

Alleen als je geld hebt…

Vandaag heb ik het dan toch maar gedaan. Ik heb mijn huis verkocht, terwijl ik zo van deze plek hou, en van deze woning. Terwijl ik niet weg wil, integendeel. Zo werkt landjepik in vredestijd. Dat is Vrijheid in Den Haag, de stad van Recht en Vrede.

‘Alleen als je geld hebt, dan is de vrijheid niet duur,’ zong Harrie Jekkers al.

 

Bewerking van m’n verhaal ‘Alleen als je geld hebt…’ (oktober 2010), uit de bundel: De Vrede van Den Haag t.g.v. 5 Mei Festival Den Haag

Foto: De 2e binnenhaven van Scheveningen met Vlaggetjesdag

En zo zag het er uit in juni 2015. Nieuwbouwflat pal voor mijn oude woning. Wat ben ik blij dat ik weg ben! De haven is de haven niet meer… [klik voor vergroting]

mijn flat met nieuwbouw ervoor mijn balkon met nieuwbouw ervoor

 

Deel deze pagina